Virtuele rondleiding
|
 | Daarnaast moest een dorpsdokter vroeger ook gewoon zijn handen uit de mouwen steken. Bijvoorbeeld om iemand een keelpijpje (trachea-canule) in zijn luchtpijp te brengen bij difterie of echte croup. Of nog veel erger, om iemands vinger of onderbeen te amputeren met onze Hilvarenbeekse amputatiezaag. Soms was het gelukkig minder erg: met de gratenvanger een ingeslikt kippenbotje of visgraat verwijderen. En wat dacht u ervan om met de munt- of centvanger een ingeslikt muntstuk bij een kind uit de keel te vissen: vaak een fluitje van een cent voor de dorpsdokter. In België heette het instrument een frangenvanger en vanaf 2002 noemen we het natuurlijk een….eurovanger! |
| Tijden veranderen. Op het bureau van onze dorpsdokter ligt het verwijsbriefje voor zijn patiënt: "Geachte Collega, wilt u zo vriendelijk zijn om kindje Smeets eens na te zien. Met collegiale groeten, Hendrik Wiegersma" (1946). Er braken andere tijden aan. De dokter hoefde niet meer alles alleen te doen. De bevrijders hadden de penicilline meegebracht, er kwam goede insuline, de farmaceutische industrie brengt weldadige medicijnen voort, en de paramedische collega's helpen de patiënt een handje om er weer bovenop te komen. |
 |
|
 |